Plattelandsvereniging Hei, Heg & Hoogeind  Leende   

Google
WWW hei-heg-hoogeind.dse.nl

Plaagdierbestrijding
Start Omhoog Inhoudsopgave Zoeken in site  

Start
Omhoog


 

 


Informatieavond over plaagdierbestrijding:     Woensdag 10 december 2008

Doel:
 
Lezing plaagdierenbestrijding

Op 10 december zal de Hr. Rooijakkers van de firma Protekta uit Gemert
een lezing geven over plaagdierbestrijding.
Gezien de huidige problematiek met de zwarte rat een lezing die u niet mag missen.

(Uitnodiging verzonden aan de leden)


 
klik hier voor de website  van Protekta
 

Betrokken partijen

 werkgroep Jaarplan Agrarische Natuurvereniging Hei-Heg-Hoogeind  ism de firma Protekta uit Gemert

Meer informatie Coördinator werkgroep Jaarprogramma: Adrie Staals,  E-mail naar Adrie Staals , tel: 040-2061446
Waar en wanneer:

 Woensdag 10 december, aanvang 20.30  in Café De Hospes, Strijperstraat 46, 5595GD te Leende

Samenvatting:

 Korte samenvatting, door Ton van Dijk, van deze lezing

   
                                      foto
 ©  Ton van Dijk Leende, Paaldijk voorjaar 2008
                                        Jonge dwergmuis


Lezing Plaagdierbestrijding (korte samenvatting door Ton van Dijk)

Op 10 december jl werd door de hr Rooijakkers van de firma Protekta uit Gemert een lezing gehouden over Plaagdierbestrijding.

Na een uitleg over de diverse soorten plaagdieren, vooral knaagdieren en insecten, werd uitgebreid stilgestaan bij de bestrijding van
de meest voorkomende: muizen en ratten. Naast het aanrichten van materiële schade kunnen deze dieren ook ziektes overbrengen.
De bruine rat brengt bijvoorbeeld de ziekte van Weil over op mensen.

Het werd de aanwezigen duidelijk dat bestrijding van plaagdieren, met name voor agrarische bedrijven, van cruciaal belang is
maar zeker niet eenvoudig. De meest effectieve bestrijding wordt volgens de hr Rooijakkers verkregen wanneer alle bewoners uit
een buurt gezamenlijk een bestrijdingsplan opstellen. Alles bijeen een zeer interessante lezing die u eigenlijk niet had mogen missen!



INFORMATIE VAN EXTERNE WEBSITES
      
Artikel Brabant Dagblad:  Zorgen om zwarte rat in Brabant
        Artikel De Limburger:   De zwarte rat en de rosse Woelmuis
        Artikel het RIVM:  Hantavirusinfectie


Artikel uit het  Brabant Dagblad:  Zorgen om zwarte rat in Brabant  (door Joop van der Pol. dinsdag 18 maart 2008)

DEN BOSCH - Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) maakt zich zorgen om de
                    toename van het aantal zwarte ratten in Brabant en Limburg.

De zwarte rat (rattus rattus) staat bekend als overbrenger van ziektes en laat zich lastig bestrijden.
Het RIVM is bij gevangen exemplaren extra alert op sporen van het zogeheten hantavirus. Het virus wordt door knaagdieren
verspreid en kan bij mensen ernstige nierschade veroorzaken. Mensen kunnen het virus overigens niet op elkaar overbrengen.
Vorig jaar werden 25 à 30 hantas- besmettingen in Nederland geregistreerd,
het jaar daarvoor maar acht.

De boosdoener was evenwel volgens het Rijksinstituut de rosse woelmuis, want de zwarte rat draagt een andere variant bij zich.
Deze zogeheten Seoul-variant is in Nederland nog niet aangetroffen.
De Vrom-inspectie, die gaat over de bestrijding van plaagdieren, heeft aangedrongen op maatregelen tegen de zwarte ratten.
De dieren wonen bij voorkeur op plekken waar warmte en voer voorhanden zijn, zoals spouwmuren van veestallen.
Ze kunnen ook varkenspest en mond- en klauwzeer overbrengen. Omdat de knaagdieren niet in het open veld leven heeft de
Provincie Noord-Brabant nauwelijks zicht op aantallen.

De beestjes zijn moeilijk te vangen omdat ze niet van giftig lokaas eten en zeer argwanend zijn.

De zwarte rat, ook wel scheeps-, huis-, dak- of pestrat genaamd, is berucht als verspreider van ziektes.
In België heeft de zwarte rat ook als verspreider van het hantavirus een reputatie: een virus dat ernstige nierschade kan
veroorzaken. Jim van Steenbergen, hoofd van de landelijke coördinatiestructuur infectieziektebestrijding van het RIVM,
onderzoekt sinds begin dit jaar de rosse woelmuis op de aanwezigheid van het hantavirus. In 2006 zijn daar minder dan tien
mensen door besmet met het hantavirus, vorig jaar al 27. Met name in de Achterhoek, Twente en sinds kort ook Noord-Brabant.
Steenbergen:
„Toen we hoorden dat in België de zwarte rat ook het hantavirus draagt, hebben we de afgelopen weken zwarte ratten uit Brabant en
Limburg onderzocht. We zijn het hantavirus niet tegengekomen. Maar die Belgische rat is natuurlijk zo in Nederland.
Dat virus zal dus best wel eens door ons gevonden worden.”
Dat de proef van een nieuwe bestrijdingsaanpak in het Peeldorp Ospel wordt gehouden, komt door de intensieve campagne
die de gemeente Nederweert al sinds einde 2006 voert tegen de zwarte rat. Daar kwamen LLTB en KAD toen voor het eerst bijeen
 om een samenwerkingsplan op te zetten voor de bestrijding.
Aan inwoners van de gemeente vroeg het lokale bestuur daarop zoveel mogelijk meldingen over ratten te doen.
 „In 2003 kregen we maar een handvol tips, in 2007 waren dat er al 84”, zegt een woordvoerster van de gemeente Nederweert.
„Maar we hebben in de aandacht voor de zwarte rat inderdaad steeds voorop gelopen in Nederland. We hebben het steeds belangrijk
gevonden dat we het probleem serieus nemen. En er dus ook iets aan doen.”
Dat laatste moet dan vooral door de proef van het KAD gebeuren, die volgende week bekendgemaakt wordt. In grote lijnen komt
het er op neer dat binnen een ‘rattenregio’ een duidelijk afgebakend gebied wordt aangewezen (in dit geval Ospel)
waarin men van buiten naar binnen systematisch alle ratten te lijf gaat. „Dat gebeurt eerst in een klein gebied om te zien
of het later over een groter gebied kan worden uitgerold”, zegt directeur Nico Vonk van het KAD in Wageningen.
„Met het gebruik van bestrijdingsmiddelen en klemmen willen we kijken welke manier het beste werkt en op welk voedsel de rat afkomt.”
De zwarte rat zit vooral bij plekken met voedsel, met als gevolg dat vooral veehouders ermee te maken krijgen.

Met name stallen zijn een favoriete plek. Volgens de gemeente Nederweert is het wel opvallend dat juist de boeren
géén meldingen doen van ratten op hun terrein. „De 84 meldingen van vorig jaar zijn bijna allemaal van burgers.
We hebben het idee dat de boeren zelf ongediertebestrijders inzetten om de plaag te lijf te gaan”, constateert de woordvoerster.
De rattenplaag in Noord-Brabant en Limburg kan explosieve vormen aannemen, als men niets onderneemt.
Een vrouwtjesrat is al na twaalf tot zestien weken geslachtsrijp en ze krijgt drie tot zes nesten per jaar van telkens gemiddeld
zeven jongen per jaar. Als dat ritme bij de nieuw vrouwtjesratten ook postvat, kan één rat binnen één jaar een nageslacht van
zeker duizend ratten krijgen.
Behalve het genoemde hantavirus kan de zwarte rat ook dierziekten als de varkenspest en mond- en klauwzeer overbrengen.
Het dier was in de middeleeuwen de verspreider van de pest, die miljoenen mensen het leven kostte. De zwarte rat is moeilijker
te bestrijden dan de bruine rat, omdat het niet van giftig lokaas eet en zeer argwanend is.
„De zwarte rat laat eerst zijn jongen proeven om te weten of hij het kan eten”,
zegt Harry Kager, beleidsmedewerker faunazaken van de Limburgse Land- en Tuinbouwbond LLTB.
„Daarom is het zaak de rat eerst wekenlang bijvoorbeeld appeltjes te voeren zonder gif. Want als het beest ziet dat zijn
 soortgenoten buikpijn hebben, eet hij er niet meer van.”
De VROM-inspectie, verantwoordelijk voor de bestrijding van plaagdieren, heeft aangedrongen op maatregelen tegen zwarte ratten.


Artikel van het  RIVM

Hantavirusinfectie

Wat is hantavirus?

Hantavirus is de verzamelnaam voor een groep virussen. De virussen die tot deze groep horen, komen wereldwijd voor bij
verschillende knaagdieren. Knaagdieren besmetten elkaar door te bijten en via elkaars uitwerpselen. De knaagdieren worden er
niet ziek van, maar kunnen het virus wel overdragen naar de mens.

In Nederland komt het puumalavirus, een hantavirusvariant, voor bij de in het wild levende rosse woelmuizen.
Gebieden waar hantavirussen aangetroffen zijn in rosse woelmuizen zijn Twente, de Achterhoek, Zuid-Limburg en Brabant.
Hantavirusinfecties komen in Nederland weinig voor.

In 2007 werd bij 27 mensen hantavirusinfectie vastgesteld. Dit is een toename ten opzichte van voorgaande jaren.
Omdat veel mensen niet of in lichte mate ziek worden na infectie, is niet precies bekend hoeveel mensen er werkelijk besmet zijn.

 

Wat zijn de ziekteverschijnselen van een hantavirusinfectie?

Besmettingen van de in Nederland voorkomende vorm van het hantavirus (het puumalavirus) geven in de meeste gevallen geen klachten.
In 10% van de gevallen treden er wel klachten op. Het ziekteverloop is relatief mild. Soms zijn er alleen griepachtige klachten
(spierpijn, hoofdpijn, koorts, misselijkheid) maar een hantavirusinfectie kan ook ernstiger verlopen waarbij de nieren tijdelijk
minder goed functioneren. Bij een ernstiger verloop begint de ziekte meestal acuut met hoofdpijn en hoge koorts.
Daarbij kunnen misselijkheid en braken, buik- en flankpijn en gezichtsstoornissen voorkomen.
Als er ziekteverschijnselen ontstaan is dat gemiddeld twee tot drie weken na de besmetting.

 

Hoe kun je een hantavirusinfectie krijgen en hoe kun je anderen besmetten?

Besmette knaagdieren scheiden het virus uit via uitwerpselen, urine en speeksel. Als dit uitdroogt en bijvoorbeeld wordt opgeveegd,
komt het virus met het stof in de lucht. Mensen raken vooral besmet door het inademen van virusdeeltjes in stof.
Een beet of besmetting van een huidwond door uitwerpselen van een besmet dier kan ook tot een infectie leiden.
De ziekte wordt niet van mens op mens overgedragen. Na een besmetting ontstaat een langdurige bescherming tegen
dat specifieke type hantavirus. Je kunt wel opnieuw besmet raken maar je wordt dus niet meer ziek van hetzelfde virustype.

 

Wie kan een hantavirusinfectie krijgen en wie loopt extra risico?

Mensen die veel met knaagdieren of hun uitwerpselen in aanraking komen, zoals boeren en boswerkers,
maar ook mensen die minder dan vijftig meter van een bos wonen, hebben meer kans om besmet te worden.
Ook mensen die in ruimten komen waar veel knaagdieren zitten of hebben gezeten (oude huizen, vakantiehuisjes die een tijd niet zijn gebruikt)
 lopen meer risico. Van het in Europa voorkomende virus is niet bekend dat het invloed heeft op de zwangerschap.

 

Hoe kan een hantavirusinfectie worden voorkomen?

Ten eerste kun je voorkomen dat er knaagdieren in huis komen: ruim voedingsmiddelen goed afgesloten op en verhinder de
toegang tot je huis voor muizen door het dichtstoppen van openingen. Besmetting met het hantavirus vindt vooral plaats
door het inademen van stofdeeltjes waar het virus in zit. Deze stofdeeltjes ontstaan bijvoorbeeld door het opvegen
van uitwerpselen van knaagdieren. Voorkomen dat er besmette stofdeeltjes in de lucht komen is dus de belangrijkste bescherming.
Dit doe je door mogelijk besmette oppervlaktes voor het schoonmaken nat te maken met gewoon water (besproeien)
of oppervlaktes nat af te nemen.


Tegen de in Europa voorkomende hantavirus varianten
bestaan geen vaccins.

 

Is een hantavirusinfectie te behandelen?

Meestal geneest een hantavirusinfectie spontaan na één tot enkele weken. Er bestaat geen behandeling tegen hantavirusinfectie.

Wel kunnen de optredende symptomen verlicht worden met pijnstillers en koortswerende middelen.
Als de nieren zijn aangedaan kan het in zeldzame gevallen nodig zijn om de nieren te ondersteunen met dialyse (nierspoelen).

Hoewel het soms weken kan duren, geneest vrijwel iedereen volledig.



naar het begin


einde