Plattelandsvereniging Hei, Heg & Hoogeind  Leende   

Google
WWW hei-heg-hoogeind.dse.nl

Strijp_Gilde_in_1958
Start Omhoog Inhoudsopgave Zoeken in site  

Start
Omhoog


 

 


In Leenderstrijp Proefde ik de herfst 

Schetsboek van Brabants contreien  1958


Inleiding 

In een krantenartikel uit 1958 werd een beeld geschetst van Leenderstrijp en het Gilde St. Jan.
Waan je terug in de tijd, meer dan 60 jaar geleden! Eigenlijk is er niet zo heel veel veranderd.
Lees de handel en wandel van de Strijpse inwoners;
Over het harde werken van de boeren, de verbondenheid van de gemeenschap met "de schut",
"dun uppesser"" van Staatbos. "Er worden verschillende personen uit Leenderstrijp aan
het woord gelaten.
Bij het artikel stonden tekeningen van een zekere ""Thomas"  en een foto van de standaardruiter
van het Gilde Sint Jan Baptista uit Leenderstrijp.

                               Als u meer weet over dit artikel laat het aub weten, de webbeheerder
email artikel 1958
 


Zaterdag 20 sept. 1958

Schetsboek van Brabants contreien

Bladzijde 6:

In Leenderstrijp

Proefde ik de herfst

"Hoe genoeglijk glijdt het leven des gerusten landmans voort”, heeft een dichter eens gezegd.
Daar moet je dichter voor zijn – buitenstaander in ieder geval – om het leven van de boer zo idyllisch te bekijken.
Genoeglijk?
Ja, op een zaterdagavond of een zondag met een pijp aan een hek leunen en over de achtergrond staren,
een paard liefkozend op de hals kloppen.. dat is genoeglijk. Dat ziet de dichter dan ook, dat en de dampende grond in de avond,
de stille bomen, de velden moe na de oogst….





                                                         
Een hoekje Leenderstrijp in de herfst



Er is meer.
Er is het in alle vroegte, in de nacht nog, naar ’t land trekken.
Het gestage werk, dat nooit klaar is, niet in de herfst, niet in de winter.
De aardappels moeten binnen gehaald worden, de bieten komen gauw aan de beurt…
de stoppelvelden zijn nog niet bewerkt en de roggevelden wachten het zaad.

Voor een boer is het leven van alle dag zo genoeglijk niet. De schoonheid van zijn land ziet hij niet altijd: hij ziet het gewas groeien,
rijpen, hij neemt het van de grond weg en maakt deze opnieuw gereed voor een volgend voortbrengen van vruchten..
en ziet wat het hem zal opbrengen…
Nu ademt de nazomer over Brabant, de herfst heeft al een hand naar de grond uitgestoken en de bruine heideplekken
in bezit genomen, van de bomen de eerste bladeren afgerukt. Hij trekt in de ochtend een nevelig gordijn rond de dorpen
en de kleur van het zonlicht wordt nu al bezonkener, gouder, dieper. Milder ook.
Brabant is een goed land, ook – vooral – in de herfst.
Wanneer er een warme, kruidige ernst gebogen staat over het dagelijks leven.
Die is al te proeven in het langzaam gaan van de paarden over de dorpsweg en het gewentel van de hoge houten karrewielen.
Die heb ik geproefd in Leenderstrijp, tussen de knisperende, bruine bladeren en in het blaffen van een grote hond..

 



                      
Het kapelletje van St. Jan

Leenderstrijp.
Aan de rand van de hei; onder de
toren van Leende. Een gehucht met 75 woningen en een dorpsleven dat zich concentreert rond
het gilde met vendeliers. Een gehucht, maar met een eigen
lagere school en een kleuterklas; een gezellig café; een coöperatie-winkel.
Huizen met banken tegen de gevel en hier en daar een oude man die voortaan rusten mag.
Een verlaten
melkfabriek met een afbrokkelende schoorsteen. En aan de rand van het gehucht, naar de bossen toe,
 
het oude kapelletje van St. Jan, gebouwd op de grondvesten van een kapel die ouder is geweest dan men kon nagaan.
En de schutsbomen daar vlakbij, waar het gilde St. Jan “op de puist” op “op de wip” komt schieten.



                        De oude melkfabriek van opzij...

                         
 

 

Gilde Sint Jan
Eeuwen en eeuwen is men in Leenderstrijp van vader op zoon lid van het gilde van St. Jan geweest.
De laatst bewaarde officiële papieren dateren uit 1645 en daaruit valt af te leiden dat het gilde - toen al – een heel bestaan achter zich had.
De trots van het huidige gilde, en dus in het bijzonder van
deken Van Dijk
, is de groep vendeliers die onlangs op de Nederlandse dag op
de Expo een demonstratie heeft gegeven.

(
van de redactie:  Nol van Dijk woonde op Klooster 8.
    Deken
: is de secretaris en of schatbewaarder van het gilde en houdt verslag bij van de activiteiten en vergaderingen.

    EXPO; de
wereldtentoonstelling in Brussel in 1958. )


Dat zijn stoere jonge boeren, die vendeliers. Ze werken de hele dag en ’s avonds oefenen ze met hun vendels onder een lantarenpaal.
Als ze uittrekken zijn ze gekleed in costuums met geblokte mouwen, de trotste standaardruiter heeft een geblokte sjerp om het middel.
“De beste vendeliers van heet ’t land komen uit deze hoek”, zie deken Van Dijk tegen mij.





    De trotse standaardruiter van het gilde van St. Jan. 

( van de redactie:  Harrie van Asten (Hein zoon) woonde op Strijperstraat 32
    Standaardruiter. Het oorspronkelijk doel was om het ridderlijk aanvoeren van het Gilde.
    Hij gaat zig-zag voorop en maakt daarmee de weg vrij voor het Gilde. De standaardruiter draagt een klein vaandel met zich mee. )


Hij rookte zijn pijp en sprak bedachtzaam zijn meningen uit. Twee jaar geleden was hij bijna van de kaart.
Dat is hem  niet meer aan te zien, ook niet dat hij weinig werken kan.
Enfin, over zijn vendeliers is hij te spreken.
In 1938 zijn ze met vendelen begonnen in het eerste jaar hebben ze zich al naar de top gezwaaid
.
Harrie Bax  ,
die de groep leidt, heef op de laatste federatiedag de eerst prijs in de a-klasse gewonnen,
hij kan dus gerust Nederlands beste vendelier worden genoemd.
En heel Leenderstrijp is daar trots op. 
 (van de redactie: zoon van Driekse Bax rondhouthandel )
Het gilde staat in het middelpunt van aller aandacht, in bijna iedere woning is een lid van St. Jan te vinden.
Alle tesamen geven ze vele dagen van het jaar een feestelijke en folkloristische kleur.





                                 
 De Schutsbomen

 

Staatsbos
Hij zat op zijn knieën in het aardappelveld en over ’n afstand van een meter of vijf hebben we vragen en antwoorden hebben en
n weer gekaatst, boswachter Verhofstadt en ik. Hij woont tegenover de uitkijktoren waar op zondag  - als er veel volk in de bossen is –
een brandwacht toezicht houdt. 
( van de redactie: Jan Verhofstadt was  voorwerker / opzichter van 4-7-1932 tot 1.5.1962 en woonde
                                                   in een wit houten huisje tegen het Leenderbos, het huidige
 Heerstraat 3  )
   
Zijn tuin is groot en plezierig. Er staat een grote kruiwagen met felle geraniums, een wipwap, banken en prieeltjes van berkenhout,
en volière..  en een met gaas omspannen stuk grond wordt door hem bebouwd. Daar trof ik hem dus niet; niet in uniform,
want hij had een week verlof. Dat betekent werkendag, zie hij.
En hij werkte door, want tijd is kostbaar.

De boswachterij is 1572 hektaar groot, 120 zijn er beplant. (van de redactie: klik voor info  Leenderbos  en de boswachterij )
Er zitten wat reeën, een enkele vos, hazen en ontelbare eekhoorntjes. De konijnen zijn met tientallen bezweken aan de myxomatose.
Verhofstadt – in bruin manchesterpak met koperen knopen, teken van waardigheid en het onbezoldigd rijksveldwachterschap –
houdt toezicht, al 27 jaar.
Hij zorgt dat er geen hout of zand wordt gestolen, dat de arbeiders in de bossen hun werk goed verrichten
en de boeren hun vee niet laten lopen over de paden die daar niet voor bestemd zijn.
En hij is lang de kwaadste niet, maar wie niet naar hem luistert kan het met fiks met ‘m aan de stok krijgen.
Dat heb ik allemaal gehoord en gemerkt aan de rand van dat aardappelveld in Leenderstrijp, terwijl de zon op mijn rug scheen.

Het leven in Leenderstrijp is voor de inwoners misschien niet verschillend van dat op andere dorpen.
De cirkelgang van het dagelijks leven is er eender: ontspannen en weer aan het werk gaan.
Maar een vreemde proeft er iets dat de mensen en de dingen boven de sleur uitheft en alles een eigen klank,
een heldere klank.
Dat is misschien de toewijding waarmee alles te gebeuren lijkt, de toewijding van de boer aan zijn vee,
van de boswachter aan zijn grond en plichten, van de jongemannen aan het gilde en van de kinderen aan het lichte,
joelende spelen in het stof.
En van ieder tesamen aan St. Jan.
Want in het kapelleke staat gekrast tussen de initialen: Wij houden van ons St. Janneke….
Dat zijn de inwoners van Leenderstrijp.
Dat is het leven in Brabant dat nu in de milde greep van de herfst gevangen ligt….

B. Isphording

 

Bronvermelding: Krantenartikel van 1958, krant: onbekend, maar waarschijnlijk het Eindhovens Dagblad; auteur B. Isphordin


Op 6 juni 2010 organiseerde de Stichting Activiteiten Gilde St. Jan Baptista de jaarlijkse Kringgildedag voor de
Bond van Schuttersgilden Kring Kempenland van de Noord-Brabantse Federatie van Schuttersgilden.

Meer informatie op onze site over "de schut van Streep"
Fotoalbum / Het Gebied over "de schut van Streep" in de rubriek     Fotoalbum/Het gebied/Gilde St. Jan
Foto's uit vervlogen tijden van dit gilde                  in de rubriek     Fotoalbum vroeger deel18

Kijk ook eens op de schitterende site van het gilde zelf:
   www.gildeleenderstrijp.nl



   naar het begin


einde