Plattelandsvereniging Hei, Heg & Hoogeind  Leende   

Google
WWW hei-heg-hoogeind.dse.nl

Vitalisering Hei
Start Omhoog Inhoudsopgave Zoeken in site  

Start
Omhoog


 

 


FOTOALBUM VITALISERING RESTANT DIJKSCHE HEIDE, 03-03-2007


Onderwerpen VITALISERING DIJKSCHE HEIDE
  Activiteit   Activiteiten / Vitalisering gebied 2007/ Dijksche heide  Aankondiging opschoning heideveld
Foto-impressie   Fotoalbum / Activiteiten /  Vitalisering Dijksche heide  Foto-impressie van de opschoning

FOTOALBUM  VITALISERING RESTANT DIJKSCHE HEIDE 2007


       Rijpe vruchten van de Jeneverbes



 ●          Omschrijving activiteit:

Onze leden hebben op zaterdag 3 maart 2007 een begin gemaakt met het opknappen
van een restant van de Dijksche-heide te Leenderstrijp. Het heideveldje is eigendom van Peer de Lauw,
die het initiatief van HHH van harte ondersteunt, en ons gastvrij onthaalde met o.a. erwtensoep.

De dag begon met het vrijzetten van de nog aanwezige jeneverbessen en het verwijderen van de opkomende vliegdennen,
maar d
oor de aanhoudende regenval hebben het werk niet helemaal afgekregen.
Om de flora en fauna nu (3-3-07) niet meer te verstoren, pakken we het volgend winterseizoen de restende werkzaamheden weer op.
Het belangrijkste doel op dit moment: Het vrijzetten van de jeneverbessen, is in in ieder geval bereikt!


 ●          Deelnemers:

Er werd door de volgende HHH-leden deelgenomen: 


v.l.n.r.: Sjoerd v Dijk, Ton v Dijk, Jan Bertens, Ton Verwegen, Peter Kerkhofs, Roel Winters, Erik v Asten,
Adrie Staals, Hans Heijligers en eigenaar Peer de Lauw. Gehurkt: Jan Dommels.


Het onderhouden van kleine landschapselementen past helemaal in de visie van de agrarische natuurvereniging HHH,
die streeft naar een mooi buitengebied, waar natuur en gezonde boerenbedrijven naast elkaar kunnen bestaan.
Leden van de vereniging zetten zich daar graag voor in.


 ●          Jeneverbesgilde inventarisatie:

Bertjan Koster van Het Jeneverbesgilde schrijft over deze jeneverbessen:

Vitaliteit van  de struiken op de Dijksche-heide?
De vitaliteit van de meeste struiken is matig. De struiken zijn al redelijk oud. Zijn omgevallen of als ze nog rechtop
staan hangen de takken(dit hangen wordt meestal veroorzaakt door ijzel of sneeuwval).
Wanneer de takken de grond raken kunnen deze wortels schieten en zo ontstaan afleggers.
Dit is duidelijk te zien bij de wat lagere struiken. Overigens kan de struik door deze afleggers prima overleven. 
Een groot exemplaar dat de takken flink laat hangen heeft waarschijnlijk in de verdrukking gestaan vandaar zijn bruine verkleuring.
Ik schat de struiken ouder dan 70 jaar, maar hoe oud ze precies zijn is zo moeilijk te zeggen.

Verschil in sekse?
Het verschil in sekse is pas te bepalen wanneer een struik bloeit. De jeneverbes is tweehuizig, dat wil dus zeggen dat er zowel
vrouwelijke als mannelijke planten zijn. Vrouwelijke exemplaren bloeien vanaf het 10de levensjaar, mannelijke iets eerder,
vanaf het vijfde jaar. Daarnaast zijn er binnen een populatie ook altijd exemplaren aanwezig waarvan het geslacht niet
visueel kan worden vastgesteld, omdat ze niet bloeien. Het aandeel van deze (tijdelijk) steriele exemplaren varieert
sterk per populatie (3-50%). Op sterk beschaduwde plaatsen ontbreken vruchtdragende struiken (Knol & Nijhof, Alterra 2004).

 Bloei en zaden?
Zoals hierboven al even aangehaald wordt beginnen de struiken respectievelijk in het 5 (mannelijke) en het
10 levensjaar (vrouwelijk) te bloeien. Wanneer een struik wordt bestoven bevind na een jaar na de bevruchting plaats.
De ontwikkeling van de vrucht neemt 2 jaar in beslag. Dat betekend dat na drie jaar na de bestuiving de vrouwelijke plant
(op een leeftijd van 13 jaar) rijpe bessen kan hebben. Wanneer een struik gezond is produceert de struik elk jaar nieuwe vruchten.
Op de vrouwelijke struiken kunnen dus tegelijkertijd voorkomen: bloemen, bevruchte bloemen, eenjarige vruchten(groen)
en rijpe vruchten(zwart/paars). Dit heeft dus niks te maken met het naderende einde van de struik.

Het wordt anders wanneer een struik in de verdrukking komen. Het kan zo zijn dat de struik dan al haar energie
geeft om te kunnen overleven. Gevolg is dat de struik noodscheuten gaat maken en ook kan het zo zijn dat de zaadproduct
wordt opgeschroefd. Dit om te voorkomen dat de plant daar niet zal uitsterven.
Nu denk ik persoonlijk niet dat dat in dit geval meespeelt. Ik weet niet in hoeverre de planten die vruchten
dragen
in de verdrukking hebben gestaan. Maar wanneer deze extreem overschaduwt waren geweest zouden ze
denk ik geen zaden meer produceren maar enkel noodscheuten.
Ik denk dus dat het produceren van bloem en vrucht hier niet uit nood wordt gedaan.

Het produceren van vrucht betekend niet automatisch dat er binnenkort verjonging te verwachten valt.
In de vrucht zitten normaal 3 zaden. Maar er zijn jaren bekend, bijvoorbeeld 1980, waarbij gemiddeld 0,12 zaden per bes
en op enkele terreinen zelfs 0,02 zaden per bes voorkwamen. Daarbij komt dat zaden van oudere jeneverbes planten minder
kiemkrachtig zijn. Ward (1982) ontdekte dat de kieming van de zaden van een jonge struik rond de 80 procent ligt
en van oude exemplaren rond de 5 procent. 

De kans dat er kiemkrachtig zaad wordt geproduceerd is dus klein. Het enkele zaad dat wel kiemkrachtig is moet
vervolgens nog op een goede groeiplaats terecht komen en niet opgegeten of vertrapt worden.
Er is altijd een kans maar groot is die dus niet.

Tot zover Bertjan Koster van het Jeneverbesgilde

 


 ●          Korte foto-impressie:

(klik op de foto voor een vergroting,

Voor deze jeneverbes kwamen we te laat

Uitleg over de werkverdeling. v.l.n.r.: Jan Dommels, Erik van Asten, Hans Heiligers, Adrie Staal en Roel Winters

Gedeelte van de groep in actie

Hans Heiligers

Bertus en Ton aan de koffie met peperkoek

Peter Kerkhofs

Een oud vossenhol, goed verscholen onder het struikgewas, ontdekt door Sjoerd

De jeneverbessen staan weer in het zonnetje

 


   naar het begin


einde